aan het woord

Datum

Een kastanjeboom en een berk

Het was voorjaar en een kastanjeboom stond verschrikkelijk op te scheppen tegen een kleine en smalle berk die een eindje verder stond.

“Ik draag mooie kaarsen” zei de kastanjeboom “kijk maar mooie witte kaarsen en ik heb een broer die heeft mooie rode kaarsen, en alle mensen kijken naar ons omdat ze ons zo mooi vinden”.
De kleine berk zuchtte maar eens en al de fijne lichte blaadjes rilden ervan. “Ja”, dacht ze ”het is waar”. “Ik hoor de mensen en kinderen wel zeggen: kijk eens wat een prachtige kaarsen”.

Het werd zomer, de kaarsen van de kastanjeboom verschrompelden, maar het bleef een machtige boom en als het regende schuilden de mensen eronder.
Maar toen werd het herfst, de wind begon te waaien, eerst zacht, maar toen harder en harder. En de kastanjeboom verloor al zijn bladeren en hij werd helemaal kaal.
Geen mens kwam meer onder hem schuilen. De berk verloor ook al zijn blaadjes en was verdrietig. “Niemand heeft wat aan mij, in de lente niet, in de zomer niet, in de herfst niet en ook in de winter niet”.

Toen fietste er op een avond –het werd al aardig donker –een groepje kleine kinderen voorbij. En opeens riep een klein meisje: “Ik vindt berken toch altijd zulke lieve bomen. Ze hebben zo’n mooie witte stam, net alsof ze licht geven”.

Er vielen druppels uit de berk. Kwam het omdat het een beetje had geregend of waren het tranen? Maar nee, het waren tranen van blijdschap.

De kastanjeboom stond zich verschrikkelijk te schamen. Hij begreep opeens dat het waar was wat dat meisje over de berk zei. En toen kwam de wind om hem te helpen het aan alle andere kastanjebomen te vertellen.
En nooit dacht hij meer dat hij de mooiste was want hij wist nu dat alle bomen weer anders mooi zijn.

Fien Kuijpers-Verstappen.

Geef een antwoord

fijn je weer te zien